Uitspraak Rechtbank over vergoeding niet gecontracteerde zorg:

De rechtbank oordeelt dat zorgverzekeraars niet meer één vast kortingspercentage mogen hanteren voor alle zorgtypen. Per type moet dit gemotiveerd worden.

De zaak was aangespannen door de Stichting Handhaving Vrije Artsenkeuze, namens ruim dertig private zorgaanbieders, zoals ggz-instellingen, wijkverpleegkundigen en fysiotherapeuten. Zorgverzekeraars doen liever geen zaken met ‘ongecontracteerde aanbieders’: zorgverleners waarmee ze geen contract hebben. Met hen hebben ze namelijk geen afspraak gemaakt over de prijs van de behandeling. In plaats van een volledige vergoeding van een behandeling, vergoeden de zorgverzekeraars nu dan ook vaak 75 procent van wat zij beschouwen als een gemiddeld tarief voor zulke behandelingen. De zorgaanbieder hanteert een praktijktarief. De zorgverzekeraar hanteert eigen niet kostendekkende tarieven, die heeft dus niets met marktconform te maken. De patient zal dat verschil dus zelf moet betalen.

Door die standaardkorting, waardoor ZV, al jaren ver onder de eigenlijke kostprijs vergoeden, zet de rechter nu een streep. Zorgverzekeraars moeten per zorgtype gaan motiveren waarom zij een bepaalde korting heffen en waar die precies op gebaseerd is. De korting moet gerelateerd zijn aan de extra kosten die de verzekeraar heeft. Dat gaat bijvoorbeeld over extra administratie.

Zorgverzekeraars moeten bij die berekening rekening houden met het principe dat de korting geen ‘hinderpaal’ mag vormen voor het kiezen van zorg van een niet-gecontracteerde zorgaanbieder, dat staat namelijk in de Zorgverzekeringswet.

Dus op dit moment hoeft een patient geen genoegen meer te nemen met een grote aftrek want de ZV kan in feite alleen kosten voor verwerking van de nota berekenen.

Mocht uw Zorgverzekeraar dus teveel aftrekken van het gedeclareerde tarief dan kunt u protest aantekenen onder verwijzing naar het volgende vonnis:

ECLI:NL:RBGEL:2019:380

https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBGEL:2019:380&showbutton=true&keyword=2019%3a380

Tenslotte: de 4 grote Zorgverzekeraars zijn natuurlijk in hoger beroep gegaan tegen dit Vonnis. Zij proberen hiermee uw keuzevrijheid in te perken om op die manier ver onder de kostprijs liggende tarieven aan zorgaanbieders te kunnen blijven betalen tegen extreme contractuele eisenpakketten met alle risico’s van dien.

Ze kiezen liever om van uw premie in hoger beroep te gaan om hun macht te behouden, dan dat zij de uitspraak van de Rechter respecteren.

Lees hier meer over dit thema

Share Button
Spring naar toolbar